• Expertises
  • Projecten
  • Over ons
  • Artikelen
  • Contact
  • Expertises
  • Projecten
  • Over ons
  • Artikelen
  • Contact

Hoe kom je tot een goede buurtprogrammering? 

  • In Advisering, Beleids- en beheerplannen, Blog, Meerjarenprogrammering

Gemeenten kiezen er steeds vaker voor om de openbare ruimte integraal en/of buurtsgewijs te vervangen. Dat betekent dat de volledige openbare ruimte in een straat of buurt, van gevel tot gevel, gelijktijdig in één project wordt vervangen. Met een buurtprogrammering worden die projecten in de tijd uitgezet. Zo kunnen gemeenten meekoppelkansen benutten en ambities realiseren, de overlast voor de omgeving minimaliseren en de middelen zo efficiënt mogelijk inzetten. 

Maar hoe kom je tot een goede buurtprogrammering? Wat zijn de voorwaarden en waar loop je tegen aan? Het afgelopen jaar hielp PLANTERRA onder andere gemeente Duiven en Haarlem met het opstellen van een buurtprogrammering. Wij delen onze drie belangrijkste inzichten. 

Vooruitkijken op basis van beheergegevens 

Een goede buurtprogrammering begint bij de data op orde hebben. Op basis van de technische staat, de aanlegjaren en de restlevensduur wordt namelijk de vervangingsbehoefte bepaald. Door de gegevens over kwaliteit en leeftijd over elkaar heen te leggen zie je waar de openbare ruimte op hetzelfde moment aan vervanging toe is en wat logische buurten voor de buurtprogrammering zijn. De buurtindeling voor de programmering hoeft dus niet altijd de grenzen van het CBS te volgen.  

Idealiter plan je een hele buurtprogrammeringscyclus vooruit, zodat je weet hoeveel buurten per jaar aangepakt moeten worden. Stel dat de openbare ruimte 50 jaar mee moet kunnen gaan, dan wil je 50 jaar vooruit kunnen kijken. Met technische inspecties kun je maximaal vijf tot tien jaar vooruit kijken. Dat is niet ver genoeg voor een buurtprogrammering. Daarom is informatie over de leeftijd van de openbare ruimte belangrijk. Met aanlegjaren gecombineerd met gebiedskennis (riolering uit de jaren 50 en 60 is bijvoorbeeld vaak van betere kwaliteit dan de jaren 70 en 80) kunnen beheerders voor de lange termijn voorspellen wanneer welke buurt aan de beurt is. 

Spelregels voor programmeren geven houvast 

Het integraal en buurtsgewijs vervangen van de openbare ruimte vraagt om afstemming tussen de verschillende beheergroepen en duidelijke spelregels voor programmeren. Zonder die afstemming bestaat de kans dat riolering het tempo bepaalt en dat de andere vakgroepen in de wacht gaan staan. Met spelregels voor programmeren weet je waar je aan toe bent en kun je als beheerder het heft in eigen handen nemen. 

Voorbeelden van programmeerregels zijn:  

  • Verharding en riolering zijn leidend. Nieuw aangelegde verharding en riolering moeten minimaal zoveel jaar meegaan. Dit doen we vanuit het oogpunt van de functionele afschrijvingstermijnen. Afhankelijk van de bodem, de gebruiksdruk en wensen vanuit de politiek gaat het bijvoorbeeld om 40 of 60 jaar. 
  • Levensduurverlengend tenzij. In buurten waar komende jaren geen buurtaanpak is gepland, passen we levensduurverlengend onderhoud toe, tenzij er vervangingen nodig zijn omdat er anders gevaarlijke situaties ontstaan. 
  • Versnellen of vertragen. We benoemen de schuifruimte om werkzaamheden te versnellen of vertragen. Bijvoorbeeld wanneer riolering en verharding niet op hetzelfde moment aan vervanging toe zijn. Hoeveel jaar halen we werkzaamheden maximaal naar voren of stellen we het juist uit om integraal en buurtsgewijs te kunnen vervangen. Deze richtlijnen moet je met elkaar vaststellen zodat je een vetrekpunt hebt voor de discussie. 

Het is goed om te weten dat bovenstaande spelregels richtlijnen zijn. Het is mogelijk om gemotiveerd van de regels af te wijken. 

Welke plekken neem je niet mee in de buurtprogrammering? 

Net als de spelregels is het buurtsgewijs vervangen van de openbare ruimte een middel en geen doel op zich. Niet elke openbare ruimte leent zich voor vervanging via de buurtprogrammering. Centra en in kleine dorpskernen vormen zo’n uitzondering. Voor centra geldt dat de omlooptijd te hoog is om mee te kunnen gaan in de buurtprogrammering.  

Waar de openbare ruimte normaal 50 jaar mee moet kunnen gaan, is dat in het centrum vaak maar de helft of minder. Dorpen zijn over het algemeen te klein en te divers om in buurten opgedeeld te worden. Het ligt daar veel meer voor de hand om straatje voor straatje de openbare ruimte aan te pakken, dan het hele dorp in één keer. 

Meer weten? 

Wil je meer weten over hoe je tot een goede buurtprogrammering komt? Neem dan contact met op Jeroen Bruinenberg. 

Dit artikel is geschreven door Nick van der Klauw.

Delen:

  • Klik om te delen met Twitter (Wordt in een nieuw venster geopend)
  • Klik om te delen op Facebook (Wordt in een nieuw venster geopend)

Gerelateerd

Previous Post

Wat staat er in een goed IBOR? Maak van tevoren deze 4 keuzes

Next Post

Gemeente Deurne legt stevig fundament voor toekomstbestendig beheer openbare ruimte 
0 comments on Hoe kom je tot een goede buurtprogrammering? 
Laatste posts
  • Den Haag – Werken aan een sterke keten groen 18 december 2025
  • Alphen aan den Rijn – Organisatiescan geeft inzicht in de transitie naar integraal beheer 17 december 2025
  • Interne organisatieontwikkeling: de PLANTERRA Opleidingsplattegrond 17 december 2025
  • Formatiebenchmark: Vergelijk jouw beheerorganisatie met andere gemeenten 17 december 2025
  • Organisatieontwikkeling: hoe zorg je voor effectieve en duurzame verandering? 5 december 2025
Scroll
OVER PLANTERRA

Sinds 2002 zijn wij door heel het land bezig met het verbeteren van de openbare ruimte. Lees hier hoe we dat doen.

Kom langs in onze pastorie

Hamersveldseweg 53
3833 GL Leusden
033 432 1212

Nieuwsbrief van PLANTERRA

Abonneren op onze nieuwsbrief?

Volg ons voor updates over de openbare ruimte
  • LinkedIn
  • Instagram
 

Reacties laden....